Het verwerken van de dood van uw dier kan een moeilijk proces zijn. Hieronder worden de volgende vragen beantwoord:
Is het raar dat ik een rouwproces doormaak na de dood van een huisdier?
Rouwen is een natuurlijke reactie die noodzakelijk is voor acceptatie en aanpassing aan het verlies van een huisdier. Emoties die bij het verlies van een huisdier vaak gevoeld worden zijn droefheid, leegheid en pijn. De pijn die u voelt na het overlijden van uw dier, is de prijs die u betaalt voor de liefde die u en uw huisdier met elkaar gedeeld hebben. De periode na het overlijden van een huisdier is een tijd van huilen, verdriet, rouwen, treuren en depressie. Symptomen van depressie die u kunt ondervinden zijn verlies van eetlust, slapeloosheid en loomheid. Het is dus niet raar om na de dood van uw huisdier te rouwen.
Kun je om alle dieren rouwen?
Mensen rouwen over alle soorten huisdieren waaraan zij gehecht zijn. Als ze een band gevormd hebben met een konijn of een vogel rouwen ze op een zelfde manier over deze dieren als bij een hond of kat. Het is dus niet zo zeer de vraag wat voor soort dier het is, maar eerder of er een band gevormd is met het dier.
Hoe ziet het rouwproces er uit?
Het rouwproces is voor ieder individu uniek. Wel kan het rouwproces onderverdeeld worden in vier stadia: anticipatie, crisis, beproeving en reconstructie. Niet iedereen doorloopt deze stadia op dezelfde wijze; er zijn grote individuele verschillen. De ene persoon doet er bijvoorbeeld langer over dan de ander. Soms lopen de diverse stadia door elkaar heen of treedt een terugval op naar een voorafgaand stadium. Er is geen goede of verkeerde manier om te rouwen.
Wat gebeurt er tijdens het eerste stadium, anticipatie, van het rouwproces?
Dit stadium begint eigenlijk al op het moment waarop duidelijk wordt dat uw dier moet inslapen. De mededeling van de dierenarts dat er niets meer voor uw dier gedaan kan worden, kan een grote schok zijn voor u. Mogelijk kunt u dat wat de dierenarts u vertelt niet zo snel bevatten en kunt u onmogelijk geloven dat het dier er binnenkort niet meer zal zijn. In dit stadium kan ook ontkenning optreden. U begrijpt wel dat uw dier niet lang meer te leven heeft, maar misschien kunt u dit overweldigende nieuws niet aan. In zo’n geval kan het een goede zaak zijn nog wat tijd door te brengen samen met het dier. Deze periode kan dan dienen als een soort afscheidsritueel om aan het idee te wennen. Een andere reactie op het slechte nieuws kan overcompensatie zijn. In dat geval gaat u uw huisdier extra verwennen in de tijd die het dier nog rest.
Wat maak ik door tijdens het tweede stadium, crisis, van het rouwproces?
Wanneer het dier is geëuthanaseerd of een natuurlijke dood gestorven is, kunt u zo over uw toeren zijn dat u praktisch in een shocktoestand raakt. Deze toestand gaat gepaard met gevoelens van ongeloof, verdoving en desoriëntatie. Oprecht en intens verdriet kunnen u overspoelen. Het is dan ook verstandig om, als uw dier geëuthanaseerd zal gaan worden, iemand mee te nemen naar de dierenartsenpraktijk. Zelf achter het stuur gaan zitten na dit emotionele gebeuren is niet verstandig.
De gevoelens van oprecht en intens verdriet, maar ook van boosheid en ongeloof zijn zeker niet raar en, hoe gek dat misschien ook klinkt, niet bijzonder: in de eerste week na de euthanasie heeft 17% van de eigenaren een gevoel van ongeloof, 16% voelt (ook) boosheid en 95% voelt droefheid. Meer dan de helft (56%) is echter (ook) opgelucht dat er een einde is gekomen aan het lijden van het dier. Tussen vijf weken en een jaar na de euthanasie kan 5% het nog niet geloven dat het huisdier er niet meer is, 56% is nog bedroefd en 7% is nog boos. Voelt u na enkele weken of maanden dergelijke gevoelens ook nog, dan is dat niet raar en wil het zeker niet zeggen dat er iets mis is met u. Hoe lang het crisisstadium duurt, verschilt namelijk van mens tot mens. De ene eigenaar is na een paar minuten alweer op de been, de andere doet er langer over. Het is hierbij belangrijk dat u er de tijd voor neemt om afscheid te nemen om zodoende het proces van het samenleven met een trouwe metgezel goed te kunnen afsluiten.
Wat houdt het derde stadium, beproeving, in?
De euthanasie of het op natuurlijke wijze overlijden van een huisdier kan ook een behoorlijke impact op het dagelijkse leven hebben. U kunt last krijgen van slapeloosheid (17%), verminderde eetlust (12%), vermoeidheid (10%) en/of concentratieproblemen, zowel op werk (13%) als thuis (9%). U kunt overwegen om één of twee dagen ziekteverlof op te nemen. Ook daarin bent u niet alleen: ongeveer 8% van de huisdiereigenaren neemt na zo’n ingrijpende gebeurtenis één of twee dagen ziekteverlof op. Wellicht vindt u het moeilijk om te functioneren en stelt u normale activiteiten uit of past u ze aan.
In dit stadium kunt u ook te maken krijgen met allerlei schuldgevoelens. Was uw dier misschien nog te redden geweest als u er eerder mee naar de dierenarts was gegaan? Had u misschien toch schuld aan het ongeluk, als gevolg waarvan uw huisdier uiteindelijk moest worden geëuthanaseerd? Het kan ook voorkomen dat u een bezoek aan de dierenarts lang hebt uitgesteld, uit angst dat uw huisdier geëuthanaseerd zou moeten worden. Daardoor kunt u last krijgen van het schuldgevoel dat u uw dier onnodig lang hebt laten lijden. Uit onderzoek blijkt dat tijdens de eerste week na de euthanasie van een huisdier 21% van de huisdiereigenaren met dergelijke schuldgevoelens kampt. Vijf weken tot een jaar na het verlies is dit nog 8%.
Vaak zeggen eigenaren in dit stadium dat ze hun dier bijvoorbeeld nog horen blaffen of met zijn nagels over het parket horen krassen. De eigenaar beseft wel degelijk dat het dier dood is, maar toch heeft hij/zij deze ‘hallucinaties’ of ‘waanvoorstellingen’. Ook dit is een heel normaal onderdeel van het rouwproces. Meestal gaan deze gewaarwordingen na een aantal dagen of weken vanzelf over.
In deze periode kunt u neerslachtig of depressief zijn. Onder een depressie verstaan we: nergens meer zin in hebben, ook niet in dingen waar u voorheen veel plezier aan beleefde. De eerste week na de euthanasie van een huisdier is 7% van de eigenaren depressief; vier weken tot een jaar later is dit nog 5%. In de meeste gevallen wordt een depressie beïnvloed door andere stressvolle gebeurtenissen, zoals het laten inslapen van nog een huisdier, of het feit dat het dier voor de eigenaar een bijzondere betekenis had (bijvoorbeeld herinnering aan overleden persoon).
Wanneer u in uw omgeving uw verhaal kwijt kunt, is dat een enorme steun. Wist u dat de overgrote meerderheid graag met (begripvolle) familieleden of vrienden wil praten over het overlijden van hun huisdier? Als u diezelfde behoefte voelt, is dat dus helemaal niet gek.
Wat gebeurt er in het laatste stadium, reconstructie, met mij?
In het laatste stadium van het rouwproces rondt u de verwerking van het verlies van uw huisdier af. Wellicht staat u weer open voor de mogelijkheid om een nieuw huisdier te nemen of besluit u juist om geen nieuw dier te nemen omdat het niet meer past in uw leven. Overigens heeft een maand tot een jaar na het verlies van hun huisdier 72% een nieuw dier aangeschaft.
Voordat het eindstadium van de acceptatie is bereikt, gaat er gemiddeld 8,5 maand voorbij. Dit is een gemiddelde voor Nederlandse katten- en hondenbezitters. In de praktijk doen mensen er soms korter en soms (veel) langer over. Hoe lang het rouwproces - de tijd die nodig is om zonder al te emotioneel te worden, te kunnen praten over het overleden huisdier en naar foto’s van het dier te kijken - mag duren is niet aan te geven. Probeer het proces niet te forceren door u zelf druk op te leggen. En realiseer u: ‘verwerkt’ wil niet zeggen, dat u uw dier niet meer mag missen en het vergeten moet zijn; het betekent wél dat u zich er bij neergelegd hebt dat uw dier niet meer bij u is en dat u uw emoties in de hand hebt als het over uw huisdier gaat.
Wanneer ben ik hersteld van het overlijden van mijn dier?
Een tijdsmaat voor herstel is niet aan te geven. Wel is het zo dat met het verstrijken van de tijd de mate van het verdriet afneemt. Dat is ook het signaal dat u op de weg naar herstel bent. Herstel begint wanneer de gedachten aan uw dier van de voorgrond naar de achtergrond verdwijnen en u aan uw dier kunt denken zonder pijn. U kunt herinneringen ophalen, naar foto’s kijken, over uw huisdier praten, terwijl de pijn minder en minder wordt. Maar natuurlijk blijven er ook momenten waarop het verdriet weer opspeelt.
Alleen lukt het me niet om dit proces af te ronden. Wie kan mij helpen?
Het kan gebeuren dat u komt vast te zitten in een van de stadia van het rouwproces. Misschien blijft u bijvoorbeeld twijfelen of u wel de juiste beslissing hebt genomen. In dergelijk gevallen kunt u nog eens een gesprek met de dierenarts aangaan waarin u nogmaals alles wordt uitgelegd. Ook uw huisarts kan een luisterend oor bieden. Kunnen zij u niet verder helpen, dan kunnen zij een doorverwijzing voorstellen naar een deskundige, zoals een psycholoog, die opgeleid is om mensen in deze situatie te helpen.
|